Twaalfde zondag door het jaar – homilie

12de zondag door het jaar.

In onze slaapkamer hangt er recht voor ons een heel oud kruisbeeld met een Christusfiguur.
Enkele avonden geleden kwam bij het zicht van de gekruisigde Jezus een gedachte bij mij op. Nu, bij het lezen van de eerste lezing, leek het alsof Job met hetzelfde probleem worstelde.
“Hoe lang nog, Heer, moet die pandemie nog duren?
Wanneer doe Jij er eens iets aan?”, zo ging het door mijn hoofd.

Het boek Job in het oude testament laat ons kennismaken met een man die eerst alles had, gezin, landerijen, geld enz. Hij is God daarvoor dankbaar.
Toch stelt God hem op de proef en verliest Job alles wat hem dierbaar is.
Hij vervalt in ellende en armoede en met zijn gezondheid gaat het zienderogen achteruit.

Doorheen het boek leren we Job kennen als een Godvrezende man die door zijn wedervaren
in opstand komt. “Waarom Heer?”
In de eerste lezing van deze zondag geeft God weerwerk op Job’s vragen en klagen.
 “Waar was jij toen Ik de schepping voltooide met alles wat er mee te maken heeft?”.
God slaat hem gedurende een paar hoofdstukken rond de oren met tal van verwezenlijkingen die als mens onmogelijk zijn uit te voeren.
Gaandeweg zal Job zich aan God overgeven.
Zijn geloof in de Heer zal hem uiteindelijk redden.

Zusters en broeders, zitten wij niet in eenzelfde situatie?
Ons goed georganiseerde leven werd helemaal door elkaar geschud door een virus dat wereldwijd de mensheid in zijn greep houdt. Het is als een storm op zee die ons danig heen en weer schudt. De golven van de pandemie slaan over onze bootjes. Velen zijn al overboord geslagen en anderen vrezen het ergste en klampen zich vast. Wat zal er gebeuren?
Nochtans vaart Jezus onzichtbaar met ons mee. Sommigen vragen zich openlijk af of Hij in slaap is gevallen en het zich wel aantrekt dat wij dreigen te vergaan.
En dan komt de vraag die ik mezelf stelde naar boven.  Hoe lang nog?
Wanneer begin je er eens aan? Doet het je niets dat wij vergaan?

Het evangelie van Marcus geeft ons het antwoord. Op het moment is ons gelovig leven
stilaan stormachtig geworden. We denken het alleen te moeten redden.
Maar ook vandaag stelt Jezus ook aan ons de vraag waarom we nog geen geloof bezitten.

Alleen wie vertrouwt op de Heer van het leven zal inzien dat God wel degelijk
aanwezig is en dat Hij doorheen zoveel gewone mensen maar ook in wetenschappers en dokters, de storm zal doen gaan liggen. Hij schenkt ons onnoemelijk veel genade.
Alles wat wij moeten doen is geloven en vertrouwen.

“Wie is toch deze man dat zelfs de wind Hem gehoorzamen?”vragen de opvarenden zich af.
Wij mogen meer weten en onze vrees overwinnen in vertrouwen op Hem.

Diaken Hugo Heeren, federatie Gingelom